Ted Kaczynski

Ted Kaczynski en waarom hij belangrijk is (NL)

Opmerking van de vertaler:

Het volgende opstel is de Nederlandse vertaling van Jacobi’s opstel “
Ted Kaczynski and Why He MAtters“, origineel gepost op The Dark Mountain Project. Sommige zinnen heb ik aangepast of compleet herschreven om verwarring te voorkomen. De bedoeling van de tekst blijft gelijk aan de originele tekst.

“Wildheid” heb ik letterlijk vertaald vanuit het Engelse woord “wildness.” Wildness, of wildheid, is het element dat de natuur (of mens) ongetemd, ongerept maakt –ofwel wildernis.

Ook zult u in dit opstel “Natuur” met een hoofdletter “N” zien. Deze hoofdletter betekent dat we spreken over zowel de natuur van de mens als de natuur zelf –alles wat natuurlijk is. Het kan betrekking hebben op zowel ‘de essentie van iets’ (“de ware natuur”) als ‘de onaangeraakte wereld’ (“de onbedorven natuur”). Dit is een term bedacht door
Ultimo Reducto (UR).

De Unabomber Kwestie

Ted Kaczynski, ook wel de ‘Unabomber’, is een Amerikaanse terrorist die bekend staat om zijn 17-jarige bombardementencampagnes als de terreurgroep ‘FC’, die zich richtte op personen die betrokken waren bij technische gebieden zoals informatica en genetica.

Begin 1995 ontving de New York Times een communiqué van Freedom Club (FC) per post:

Dit is een bericht van FC. […] We worden het trouwens een beetje zat om bommen te maken. Er is weinig lol aan om al je avonden en weekenden te spenderen aan het klaarmaken van gevaarlijke mengsels, het vervaardigen van ontstekingsmechanismen uit stukken metaal, of het afstropen van de sierra’s op zoek naar een plek die afgelegen genoeg is om een bom uit te proberen. Daarom doen we een voorstel.

Het door de groep aangeboden voorstel was eenvoudig: publiceer het manifest en het stopt met het verzenden van bommen.

Het manifest, getiteld De industriële samenleving en haar toekomst, is een polemiek van 35.000 woorden over de bedreigingen die de industriële samenleving vormt voor vrijheid en wilde natuur. De kern van de analyse van het document is een concept genaamd ‘het machtsproces’, of een aangeboren menselijke behoefte om autonome doelen te stellen en te bereiken. Ondanks deze psychologische noodzaak, is ‘in de moderne industriële samenleving slechts minimale inspanning nodig om de fysieke behoeften te bevredigen.’ Als gevolg van de discrepantie tussen menselijke behoefte en industriële omstandigheden, staat het moderne leven bol van depressie, hulpeloosheid en wanhoop, en hoewel sommige mensen deze bijwerkingen kunnen compenseren met ‘surrogaatactiviteiten’, het manifest zegt dat dit vaak onwaardige, ondergeschikte taken zijn. Interessant is dat deze concepten talloze parallellen hebben in de hedendaagse psychologie, het meest opvallende soortgelijke idee is het concept van Martin Seligman van ‘aangeleerde hulpeloosheid’.

Uiteindelijk prijst het manifest de autonomie van individuen en kleine groepen boven de controle van technologie en grote organisaties, en het biedt de jager-verzamelaars manier van leven als een visie op hoe dat soort autonomie eruit zou kunnen zien. Toch pleit het einde van het manifest alleen voor de praktische mogelijkheid van revolutie tegen de industrie (in plaats van een volledige terugkeer naar het leven van jager-verzamelaars), en het schetst enkele stappen om een beweging te vormen die die revolutie kan uitvoeren.

De FBI had, tot FC de publicatie van het manifest probeerde te forceren, naar de groep verwezen als het werk van een enkele terrorist. Maar het voorstel bracht de FBI in een moeilijke situatie: zij hadden een beleid om niet met terroristen te onderhandelen, maar waren niet in staat dit aanbod af te wijzen. Tegen die tijd was de FBI al 17 jaar op zoek naar de Unabomber en had weinig aanwijzingen. Veel van waar ze mee moesten werken, zoals het profiel dat hem als een “Blue Collar” luchtvaartmaatschappij werknemer vastzette, bleek complete onzin te zijn. Zelfs de beroemde FBI-schets leek helemaal niet op de man die ze later arresteerden.

Unabomber-sketch
De beruchte Unabomber schets.

Erger nog voor de FBI, de Unabomber was vastbesloten door te gaan met het verzenden van bommen totdat de FBI instemde met het aanbod. Kort na het verzenden van hun voorstel stuurde FC een bom naar een lobbyist in de houtindustrie, die de derde dode werd in het verzenden van bommen. Later ontvingen twee Nobelprijswinnaars brieven waarin FC hun waarschuwden dat “het voordelig zou zijn voor [hun] gezondheid om te stoppen.”

In de hoop dat iemand de dader zou kunnen identificeren, moedigde de FBI de New York Times en de Washington Post aan om het manifest van FC te publiceren. De twee kranten namen het advies aan en het manifest werd snel gepubliceerd als een bijlage van acht pagina’s in de Washington Post, met publicatiekosten die gedeeltelijk door de New York Times werden gefinancierd. Vanaf dat moment heeft het agentschap de Unabomber officieel geclassificeerd als ‘seriemoordenaar in plaats van een terrorist met een politieke agenda, zoals oorspronkelijk werd verondersteld’.

Hoe de man er echt uitzag

De FBI had gelijk over het resultaat van het publiceren van het manifest: het hielp iemand de auteur te identificeren. Kort na de publicatie van het werk nam David Kaczynski contact op met een advocaat om zijn vermoeden te delen dat de Unabomber zijn broer Ted was. Na het ingediende bewijsmateriaal te hebben onderzocht, viel de FBI het huis van de man binnen en vond alles wat hij nodig had om hem voor de misdaden van de Unabomber te berechten.

Toen Kaczynski werd aangehouden, zag hij er vies en verward uit, met een ongewassen lichaam en gescheurde kleding en haar dat in alle richtingen stond. Het was een typisch uiterlijk voor Montana-mannen tijdens de winter, maar het verstevigde het mediabeeld van de man als een eenzelvige gek. In werkelijkheid was Kaczynski zeer waarschijnlijk een genie. Hij werd op 16-jarige leeftijd aangenomen op de universiteit Harvard, en ging later naar de Universiteit van Michigan voor zijn masterdiploma en gaf vervolgens les in Berkeley als universitair docent. Zijn proefschrift loste verschillende moeilijke problemen op m.b.t. ‘Boundary Functions’, die zelfs Kaczynski’s wiskunde-professor George Piranian niet kon achterhalen. ‘Het is niet genoeg om te zeggen dat hij slim was’, zei Piranian.

Maar Kaczynski besloot dat het universitaire leven niet voor hem was, en hij verliet Berkeley al snel om zijn eigen hut te bouwen in een afgelegen gebied van Montana, waar hij leefde zonder stromend water en elektriciteit. Een FBI-onderzoeker zei tegen de man bij zijn arrestatie: ‘Ik ben écht jaloers op uw manier van leven hier.’

Na een circus van een proces, pleitte Kaczynski schuldig aan de Unabomber-misdaden, en kreeg hij een levenslange gevangenisstraf en werd hij vervolgens naar de Supermax-faciliteit in Florence, Colorado gestuurd. Vandaag reageert hij ijverig op brieven die hij ontvangt en werkt hij aan het publiceren van een aankomend boek, Anti-Tech Revolution: Why and How (die inmiddels, na het schrijven van dit stuk, is gepubliceerd).

Het antwoord op Kaczynski

De Industriële Revolutie en de gevolgen ervan zijn rampzalig geweest voor de mensheid. Ze hebben in ruime mate de levensverwachting verhoogd van degenen onder ons die in de ‘ontwikkelde’ landen leven, maar ze hebben de samenleving ontwricht, het leven zijn voldoening ontnomen, de mensen onderworpen aan vernederingen, alom tot geestelijk lijden geleid (in de Derde Wereld ook tot lichamelijk lijden) en grote schade aangericht aan de natuur. De voortschrijdende ontwikkeling van de technologie zal de toestand alleen maar erger maken… […]

De industriële samenleving en haar toekomst, Paragraaf 1

Hoewel het gemakkelijk is om Kaczynski als krankzinnig af te wijzen, steun voor zijn ideeën is niet moeilijk te vinden. Kritiek op technologie die vergelijkbaar zijn met die in het manifest zijn al tijden aanwezig onder de namen van beroemde denkers. In 1863 schreef de Britse schrijver Samuel Butler bijvoorbeeld in ‘Darwin Among Machines’:

Dag na dag winnen de machines terrein aan ons; dag na dag worden we meer ondergeschikt aan hen… de tijd zal komen dat de machines de echte suprematie over de wereld en haar inwoners zullen behouden… Onze mening is dat de oorlog tot de dood onmiddellijk tegen hen moet worden uitgeroepen. Elke machine van elke soort moet vernietigd worden door de weldoener van zijn soort.

Bedenk hoe griezelig Butlers verklaring is bij de recente waarschuwingen over kunstmatige intelligentie van Stephen Hawking, Bill Gates, Steve Wozniak en Elon Musk (die niettemin blijven pleiten voor technische vooruitgang).

Het antwoord op het manifest, hoewel zeker niet zonder veel kritiek, bevatte ook veel positieve opmerkingen van goed aangepaste en succesvolle leden van de samenleving. Een van deze mensen, Bill Joy, was de uitvinder van de programmeertaal Java en de oprichter van Sun Microsystems. Met andere woorden, hij had gemakkelijk een bom van FC kunnen ontvangen. Maar in 2000 schreef Joy zijn nu beroemde essay “Why the future doesn’t need us”, waarin hij zijn onrustige verrassing beschrijft nadat hij een indringende passage las over de dreiging die nieuwe technologieën vormen –alleen om te ontdekken dat de passage uit het Unabomber-manifest kwam. “Hij is duidelijk een Luddite,” schrijft Joy, “maar hoewel dit eenvoudig te zeggen is verwerpt dit zijn argumenten niet; hoe moeilijk het voor mij ook is om te erkennen, ik zag enige waarde in [zijn] redenering…”

Andere reacties waren vergelijkbaar. Journalist en wetenschapsschrijver Robert Wright verklaarde beroemd: “Er is een beetje Unabomber in de meesten van ons.”

En politicoloog en Universiteit van Californië – Los Angeles (UCLA) professor James Q. Wilson, de man achter de beroemde ‘Brokenwindowstheorie‘, schreef in de New York Times dat het manifest “een zorgvuldig beredeneerd, kunstzinnig geschreven papier… Als het het werk van een krankzinnige is, dan zijn de geschriften van veel politieke filosofen – Jean Jacques Rousseau, Tom Paine, Karl Marx – nauwlijks gezonder.”

billy

Misschien wel het meest opvallend was hoezeer het algemene publiek bewondering en fascinatie uitte voor de Unabomber. “Ik heb nog nooit zoiets gezien,” zei een criminoloog, “Miljoenen mensen … lijken zich op een of andere manier met hem te identificeren.” Kaczynski werd gearresteerd en berecht tijdens de vroege leeftijd van het internet, en websites van fans kwamen overal snel tevoorschijn, inclusief de beroemde nieuwsgroep, alt.fan.unabomber. Er verschenen stickers met de tekst “Ted Kaczynski has a posse”; er verschenen t-shirts met de beroemde Unabomber-schets en het woord “dad” erop gedrukt; en veel organisaties hebben bijgedragen aan een landelijke campagne “Unabomber for President”, “Don’t blame me,” zei een campagneadvertentie, “I voted for the Unabomber.”

Zelfs nu heeft Kaczynski mensen die openlijk voor hem pleiten. David Skrbina, een professor filosofie van technologie aan de Universiteit van Michigan, correspondeerde jarenlang met Kaczynski, stelde een boek van hem gereed voor publicatie en heeft verschillende essays geschreven die oprechte betrokkenheid bij Kaczynskis werk ondersteunen. Een van de essays is provocerend getiteld ‘A Revolutionary for Our Times‘.

Ondanks dit zijn de ideeën van Kaczynski een van de minst besproken aspecten van de Unabomber-affaire. In plaats daarvan hebben mensen de neiging zich te concentreren op het familiedrama van de man, zijn vroege leven of verschillende complottheorieën, zoals het idee dat Kaczynski de Zodiac Killer is. Wanneer zijn ideeën dan eindelijk in overweging worden genomen, worden ze vaak afgewezen met onzinnige opmerkingen over de “academische stijl” van het manifest of de niet-originele kritiek op technologie. Nog vaker worden de ideeën afgekeurd met een verklaring over de mentale toestand van Kaczynski: “Hij is een krankzinnige, onbelangrijk”. En dan zijn er natuurlijk de morele argumenten. Sommigen beweren dat het geweld onterecht was voor de gestelde of veronderstelde doelen, en weer anderen beweren dat geweld nooit goed is.

Dit zijn slechte argumenten. Niet alleen falen ze om de centrale punten aan te pakken die Kaczynski aan de orde stelt, meestal zijn ze ongegrond of ronduit verkeerd, en in sommige gevallen zijn de logische conclusies van de argumenten ongemakkelijk of afschuwelijk voor de mensen die ze beweren. Laten we dat eens nader onderzoeken.

Was Kaczynski krankzinnig?

Het industrieel-technologisch systeem kan overleven of ten onder gaan. Als het overleeft, KAN het op den duur het fysiek en psychisch lijden verminderen, maar dan alleen na een pijnlijke periode van aanpassing, en alleen als mensen en vele andere levende organismen voorgoed worden gereduceerd tot stukjes techniek, tot niet meer dan radertjes in de sociale machine. Bovendien, als het systeem overleeft, zijn de gevolgen onvermijdelijk: het systeem kan niet worden verbeterd of aangepast om te voorkomen dat het mensen van hun waardigheid en autonomie berooft. 

De industriële samenleving en haar toekomst, Paragraaf 2

Het meeste bewijsmateriaal dat werd gebruikt om aan te tonen dat Kaczynski krankzinnig is, komt uit zijn chaotische en erbarmelijk proces. Maar dit idee is grondig ontkracht. Ten eerste heeft elke persoon die ik ken bevestigd dat Kaczynski niet waarneembaar krankzinnig is en de meeste hebben het tegenovergestelde gesuggereerd, waaronder de journalist William Finnegan, veel van zijn universiteitsprofessoren, veel personen die hem in Montana zijn tegengekomen, professor David Skrbina, en zelfs de rechter tijdens het proces van Kaczynski.

On 7 January 1998, zei rechter Burrell:

Ik vind hem helder en kalm. Hij presenteert zichzelf op een intelligente manier. Naar mijn mening heeft hij een goed begrip van de problemen. Hij leek al gefocust te zijn op de problemen in zijn contact met mij. Zijn maniertjes en zijn oogcontact waren gepast. Ik weet dat er een conflict is in het medisch bewijsmateriaal over de vraag of zijn gedrag, althans in het verleden, werd beheerst door een of enkele psychische aandoening(en), maar ik heb tijdens mijn contact met hem niets gezien dat een manifestatie lijkt te zijn van psychische aandoeningen. Als er iets aanwezig is, kan ik het niet waarnemen.

Inderdaad, gedurende heel het Unabomber-proces was de geestelijke gezondheid van Kaczynski een terugkerend punt van spanning tussen hem en zijn advocaten. Kaczynski wilde absoluut niet als krankzinnig worden afgeschilderd, en anticipeerde zelfs vóór zijn aanhouding, in brieven, dat de media hem zouden proberen af te schilderen als “krankzinnige”, als hij ooit werd gevangengenomen. Op ware Orwelliaanse wijze, werd deze angst gebruikt als een van de belangrijkste bewijzen dat Kaczynski krankzinnig was, en het enige andere, primaire, bewijs was zijn politieke opvattingen en geschriften. In haar psychologische rapport citeert Dr. Sally Johnson bijvoorbeeld “De heer Kaczynski presenteerde een duidelijk georganiseerd geloofssysteem dat hij werd lastiggevallen en geschaad door moderne technologie”.

Verschillende factoren dwongen bijna alle betrokken partijen om Kaczynski krankzinnig te verklaren, vooral een ethische. Het verdedigingsteam van Kaczynski was gebonden aan persoonlijke of, op zijn minst, professionele ethiek die hen dwong, tegen elke prijs, de doodstraf te vermijden. De enige zekere manier om dit te doen, geloofden ze, was Kaczynski’s geestelijke gezondheid te presenteren als een verzachtende factor. William Finnegan schreef in The New Yorker: “Er was nooit enige twijfel dat Kaczynski juridisch geestelijk gezond was. Maar zijn advocaten geloofden dat de mate van zijn schuld voor zijn misdaden afhankelijk kon worden gemaakt van zijn psychiatrische classificatie — hoe ernstiger de diagnose, hoe minder zijn schuld.”

Vanwege de afkeer van Kaczynski tegen de strategie en de herhaalde oneerlijkheid van zijn verdedigingsteam verzocht Kaczynski zich te laten vertegenwoordigen door, Burgerrechten Advocaat, Tony Serra, maar rechter Burrell wees het verzoek af. Toen Kaczynski vervolgens zichzelf vertegenwoordigde, verzocht Burrell een psychologische evaluatie, om te zien of hij geschikt was om terecht te staan. Het resultaat was een evaluatie door Dr. Sally Johnson, die, zoals gezegd, het geloofssysteem van Kaczynski citeerde, de afwijzing van geestelijk ziek zijn, en familieproblemen allemaal als bewijs dat de man een psychische stoornis had. Johnson sloot af met een “voorlopige diagnose” van paranoïde schizofrenie die destijds “in remissie” was en zij verklaarde Kaczynski geschikt om terecht te staan. Maar toch, getroffen door een plotseling geval van geheugenverlies m.b.t de geestelijke gezondheid van de man, wees Burrell het verzoek van Kaczynski af.

De enige andere partij die beweerde dat Kaczynski krankzinnig was, was zijn familie, de vrouw van zijn broer, en zijn broer, de persoon die hem aangaf. Maar zij, net als het juridische verdedigingsteam, uitten een diepe wens om te voorkomen dat Kaczynski de doodstraf zou krijgen. Aangezien de familie Kaczynski nogal gespannen relaties had, is hun getuigenis bovendien in het slechtste geval onbetrouwbaar, en op zijn minst onvoldoende, om Kaczynski krankzinnig te verklaren.

Nauw verwant met het idee dat Kaczynski krankzinnig was, is het idee dat Kaczynski een sadist is. Maar de man toonde expliciet medeleven met, ten minste, een paar van de mensen die door de FC-bommen zijn geschaad of geschaad had kunnen zijn. In een brief aan de New York Times schreef FC:

…we zullen zeggen dat we niet ongevoelig zijn voor de pijn veroorzaakt door onze bombardementen.

Een bompakket dat we naar computerwetenschapper Patrick Fischer hebben gestuurd, heeft zijn secretaresse gewond toen ze het opende. Daar hebben we zeker spijt van. En toen we jong en relatief roekeloos waren, waren we veel zorgelozer in het selecteren van doelen dan we nu zijn. In één geval probeerden we bijvoorbeeld tevergeefs een vliegtuig op te blazen. Het idee was om veel zakenmensen te vermoorden waarvan we aannamen dat ze de meerderheid van de passagiers zouden vormen. Maar natuurlijk zouden sommige van de passagiers waarschijnlijk onschuldige mensen zijn geweest – misschien kinderen, of sommigen die hard werken die hun zieke grootmoeder willen bezoeken. We zijn blij dat die poging is mislukt.

Evenzo kan men in één van zijn dagboek zien dat hij worstelt met zijn gevoelens voor John Hauser, die een bom opende in het computerwetenschappelijk gebouw van UC Berkeley. Hij schreef dat hij “bezorgd was over [de] mogelijkheid dat een jonge jongen, een student, niet-afgestudeerde computerwetenschapper, het zou kunnen krijgen.” Hij schreef ook: “Ik moet toegeven dat ik me slecht voel omdat ik de arm van deze man heb verlamd. Ik heb er veel last van gehad.” Toch beweert hij dat de bombardementen gerechtvaardigd waren, omdat Hauser een piloot was en ernaar streefde en astronaut te worden, “een typisch lid van de technicusklasse”. Later in zijn brieven noemde hij Hauser opnieuw om te zeggen: “Ik heb niet langer last van deze kerel, deels omdat ik er gewoon met tijd ‘overheen ben’ gekomen, deels omdat zijn aspiratie zo oneerbaar was.”

Met andere woorden, in de ogen van Kaczynski legitimeerde zijn ideologie zijn moorden, niet zijn persoonlijke psychologische voldoening. Om de implicaties van de UNABOM-zaak te begrijpen en onder ogen te zien, moeten we inzicht krijgen in het wereldbeeld dat wordt gepresenteerd of waarnaar wordt verwezen in de geschriften van Kaczynski, waaronder het beruchte manifest.

Was de ideologie van Kaczynski opportunistisch?

Ook als het systeem instort, zal dat bijzonder pijnlijke consequenties hebben. Maar naarmate het systeem groter wordt, zullen de gevolgen van een ineenstorting rampzaliger zijn. Als het instort, kan dat dus maar beter zo snel mogelijk gebeuren. 

De industriële samenleving en haar toekomst, paragraaf 3

Twee argumenten betwisten het idee dat Kaczynski zijn acties rechtvaardigde (en blijft rechtvaardigen) in het licht van zijn ideologie. Eén, een impliciet argument dat funcioneert als back-up van de “Kaczynski was krankzinnig” thesis, beweert dat de hele ideologie een list was, gewoon een manier om de eigen emotionele angst te vervullen. De andere, die journalist Alston Chase het meest opvallend bepleitte, betoogt dat de ideologie uit twee delen bestond: een libertaire en een milieuactivistische. De laatste, suggereert Chase, werd gebruikt om steun te krijgen voor de échte bron van Kaczynski’s politieke motivatie, een liefde voor vrijheid.

De eerste is eigenlijk een redelijk argument, gezien de beperkte uittreksels en informatie die over Kaczynski waren gepubliceerd. De man legde in zijn dagboek vaak verklaringen af die, alleenstaand, suggereerden dat zijn eigen emotionele bevrediging alles was wat zijn moorden motiveerde. Deze verklaringen waren een groot deel van de zaak tegen hem.

Over Hauser, de aspirant-astronaut, schreef Kaczynski bijvoorbeeld: “Maar krijg niet het idee dat ik spijt heb van wat ik heb gedaan. De verlichting van gefrustreerde woede weegt zwaarder dan het ongemakkelijke geweten. Ik zou het helemaal opnieuw doen.” Uit de context van de hele passage, waarvan sommige hierboven zijn genoemd, klinkt het zeker alsof Kaczynski alleen geïnteresseerd was in emotionele verlichting. Maar als de reeds gegeven context niet voldoende is, overweeg dan wat Kaczynski onmiddellijk daarna schreef:

Zoveel mislukkingen met zwakke ineffectieve bommen maakten me wanhopig van frustratie. Moet wraak nemen voor al het wilde land dat wordt verknald door het systeem…. Onlangs kampeerde ik in een paradijs als ijzige keteldal. ‘s Avonds werd het prachtige zingen van vogels geruïneerd door het obscene gebrul van straalvliegtuigen. Toen lachte ik om het idee dat ik enig probleem had met het verlammen van een vliegtuigpiloot.

Nogmaals, ideologie speelt een fundamentele rol in de rechtvaardiging van Kaczynski. Deze passage zou enige empathie moeten inspireren van iedereen die heeft gezien dat een wilde plek, waarvan ze houden, verscheurd is door ontwikkeling, een deel van de motivatie van Kaczynski waarover zelden wordt gesproken. We horen over zijn bommen en zijn vuile kleren, maar ons is niet de bossen getoond waar hij van hield of de rivieren waar hij van dronk. In ten minste twee interviews, die beide verdacht weinig aandacht hebben gekregen, geeft Kaczynski ons een kijkje in het soort leven dat hij in Montana had. Eén passage valt vooral op:

“Dit is nogal persoonlijk,” begint hij met zeggen, en ik vraag of hij wil dat ik de recorder uitzet. “Nee” zegt hij, “ik kan je erover vertellen. Terwijl ik in het bos woonde, bedacht ik een aantal goden voor mezelf,” en hij lacht. “Niet dat ik intellectueel in deze dingen geloofde, maar het waren ideeën die min of meer overeenkwamen met sommige van de gevoelens die ik had. Ik denk dat de eerste die ik heb bedacht, grootvaderkonijn was. Weet je, de Amerikaanse haas was mijn belangrijkste bron van vlees tijdens de winters. Ik had veel tijd besteed aan het leren van wat ze doen en hun sporen overal volgen voordat ik dichtbij genoeg kon komen om ze te schieten. Soms volgde je een konijn rond en rond en dan ineens verdwenen de sporen. Je kunt niet achterhalen waar dat konijn gebleven is, en zo verlies je het spoor. Ik bedacht een mythe voor mezelf, dat dit het Grootvaderkonijn was, de grootvader die verantwoordelijk was voor het bestaan ​​van alle andere konijnen. Hij was in staat om te verdwijnen, daarom kon je hem niet vangen en daarom kon je hem nooit zien… Elke keer als ik de Amerikaanse haas schoot, zou ik altijd zeggen: ‘bedankt grootvader konijn’.”

In een ander verhaal legt hij uit hoe één van zijn favoriete plekken in de bossen van Montana werd verscheurd, waardoor hij diepbedroefd achterbleef –de gebeurtenis dat de druppel de emmer deed overlopen. Het verhaal lijkt erg op het verhaal dat natuurbeschermers en milieuactivisten vertellen om uit te leggen waarom ze vechten. Kaczynski verschilt inderdaad alleen van deze wildernis liefhebbende mannen en vrouwen omdat hij doodde in reactie op de verwoesting die hij zag. Dit maakt voor sommige mensen het verschil, maar zoals we zullen zien, mist dit waarschijnlijk het punt.

tk_mail_box

Bron: University of Michigan Library Blog.

Toch spreekt Kaczynski vaak over zijn acties in termen van “wraak”, wat tenslotte een emotionele rechtvaardiging is. Maar nogmaals, de meeste van deze vermeldingen gaan nog steeds gepaard met een ideologische rechtvaardiging.

In 1972, zes jaar vóór de eerste bom, schreef Kaczynski bijvoorbeeld: “Ongeveer anderhalf jaar geleden was ik van plan een wetenschapper te vermoorden –als een manier om wraak te nemen op de georganiseerde samenleving in het algemeen en de technologische vestiging in het bijzonder…”

Later, nadat hij wat motorfietsen en houtkapapparatuur in zijn woonplaats had gesaboteerd, schreef hij dat zijn daden bijzonder:

bevredigend waren omdat het een onmiddellijk en precies gericht antwoord was op de provocatie. Vergelijk het met de wraak die ik probeerde voor het straalgeluid. Ik voelde me al een lange tijd gefrustreerd over de vliegtuigen. Na een ingewikkelde voorbereiding slaagde ik erin de president van United Air Lines te verwonden, maar hij was slechts een van een enorm aantal mensen die direct en indirect verantwoordelijk waren voor de straalvliegtuigen. Dus de wraak was lang vertraagd, vaag gericht en onvoldoende voor de provocatie. Het voelde dus goed om voor de verandering meteen en direct terug te slaan.

Het lijkt erop dat een betere verklaring voor Kaczynski’s kader voor “wraak” meer te maken heeft met hopeloosheid dan met iets anders. Jaren voordat hij aan zijn bombardementen begon, spraken de man en zijn broer met elkaar over de onderwerpen in het manifest. Dit was tenslotte de reden dat hij gearresteerd werd. Kaczynski schreef ook rond die tijd, en eerder, over de technologische samenleving, vrijheid en wilde natuur. Toen hij zijn functie bij Berkeley stopte, zei hij tegen zijn baas: “Ik ben het zat om ingenieurs wiskunde les te geven dat zal worden gebruikt om het milieu te vernietigen.” En in 1970 schreef hij zelfs een brief aan de redacteur van een plaatselijke krant, waarin hij kritiek heeft op de suggestie van één man dat milieuproblemen worden veroorzaakt door buitensporige individuele vrijheden en kunnen worden opgelost met collectivisme. “Eigenlijk,” schrijft Kaczynski, “zijn de meeste problemen directe of indirecte resultaten van de activiteiten van grote organisaties –bedrijven en overheden.”

Met andere woorden, het is hoogst waarschijnlijk dat Kaczynski een aanzienlijk deel van zijn ideologie in handen had en “wraak nemen” was het minste wat hij geloofde dat hij kon doen als reactie op de intense verwoesting die de industrie veroorzaakte (en veroorzaakt). Dat hij zijn acties in emotionele termen moest rechtvaardigen, was geen teken van zijn emotionele instabiliteit, maar van zijn waargenomen isolatie, het gevoel dat hij zelf niet veel kon doen om het vereiste verschil te maken. Dit was misschien de belangrijkste reden waarom Kaczynski zich bezighield met geïsoleerde daden van sabotage en terrorisme –des te meer reden om te herhalen dat Kaczynski niet alleen is, en evenmin die wildernis liefhebbende mannen en vrouwen die zich nu hopeloos voelen.

Als iemand twijfelt dat dit het geval was, laat hem dan de allerlaatste vermelding lezen die Kaczynski in zijn dagboek schreef vóórdat hij werd gearresteerd: “Mijn oppositie tegen de technologische samenleving is nu minder een kwestie van een bittere en sombere wraak dan vroeger,” schreef hij, “Ik heb nu meer een gevoel van missie.”

Chase suggereert dat Kaczynski inderdaad gepassioneerd was over een deel van zijn ideologie –maar het milieubewuste deel, zegt hij, was gewoon puur opportunisme. Echter, deze bewering, o.a., houdt geen rekening met de openlijke liefde van Kaczynski voor de natuur in zijn vroege leven en die beschreven staan in zijn dagboek, allemaal meer dan genoeg om aan te tonen dat Chase er ver naast zit. Desalniettemin valt één citaat uit een dagboek op als bijzonder schadelijk:

…Ik geloof niet eens in de cultus van natuuraanbidders of wildernisaanbidders (ik ben in staat om afval in delen van het bos te gooien die mij niet van nut zijn – ik gooi vaak blikjes in ontboste gebieden of op plaatsen veel bezocht door mensen; ik vind de wildernis fysiek niet bijzonder gezond; ik aarzel niet om te stropen).

Om dit bericht te begrijpen, moet je echter het specifiek onderdeel van de milieuactivisme begrijpen waar Kaczynski door werd beïnvloed, dat het best werd belichaamd door een bekend persoon in de milieubeweging, Edward Abbey, en de personages in het beroemdste werk van Abbey, The Monkey Wrench Gang. The Monkey Wrench Gang is een roman over een groep onstuimige, bierliefhebbende rednecks die, gefrustreerd door de industriële ontwikkeling van het Amerikaanse Westen, handelingen plegen zoals sobatage, het kappen van reclameborden, het uit de grond trekken van piketten en het gieten van suiker in de tanks van zware bedrijfsvoertuigen. Het boek inspireerde verschillende groepen, waaronder (waarschijnlijk) de Bolt Weevils, die de ontwikkeling van de elektriciteitsleiding in Minnesota in de jaren zeventig saboteerden, en Earth First!, een beweging die in de jaren tachtig begonnen was en bekend stond om tactieken zoals die beschreven in de roman van Abbey.

Abbey, die consequent de “rednecks voor wildernis” imago waarmaakte, deed ooit een uitspraak die erg leek op die van Kaczynski: “Natuurlijk rommel ik op de openbare weg”, zei de man. “Elke kans die ik krijg. Het zijn tenslotte niet de bierblikken die lelijk zijn; het is de snelweg die lelijk is.”

Het doel van het soort milieuactivisme van Ed Abbey (als je het zo kunt noemen) is nauw verbonden met de noties van wildheid en vrijheid. Verdere regelgeving is niet de oplossing, maar maakt deel uit van het probleem. Dat de industrie en de complexe samenleving zoveel beperking van de vrijheid van individuen en kleine groepen vereisen, is een goede reden om van de wildernis te houden en het spul wat wildernis kapot maakt weg te gooien.

Het sentiment is niet zó ongewoon. In een stand-up routine sprak George Carlin (of tierde hij, zoals hij doet) over Earth Day, milieubewustzijn en ‘de planeet redden’:

Ik ben deze zelfingenomen milieuactivisten beu, deze blanke, burgerlijke liberalen die denken dat het enige dat mis is met dit land is dat er niet genoeg fietspaden zijn. Mensen proberen de wereld veilig te maken voor hun Volvo’s. Trouwens, milieuactivisten geven niets om de planeet, ze geven niet om de planeet….Weet je waar ze in geïnteresseerd zijn? Een schone plek om te wonen. Hun eigen leefgebied. Ze zijn bang dat ze op een dag in de toekomst persoonlijk ongemak kunnen ondervinden….Trouwens, er is niets mis met de planeet….De planeet is in orde. De mensen zijn klote. Onderscheid. Onderscheid….De planeet doet het goed, hier vier en een half miljard jaar geweest. Ooit aan tellen gedacht? De planeet is hier vier en een half miljard jaar geweest. Wij zijn hier wat, 100.000, misschien 200.000, geweest, en we zijn slechts iets meer dan 200 jaar bezig met zware industrie. 200 jaar tegenover vier en een half miljard. En we hebben de verwaandheid om op de een of andere manier te denken dat we een bedreiging zijn?… De planeet gaat nergens heen – wij wel. Wíj gaan weg. Pak je shit mensen.

Nog een komiek, Louis C. K., drukt een vergelijkbaar gevoel uit:

Op een dag gooide ik een snoeppapiertje op straat. Ik deed het niet [kwaadaardig], zo van “Pak aan, straat.” Ik deed het, want, ik was aan het trillen snap je, ik wilde het snoepje. Hoe dan ook, ik was met een vriend die tegen me zei: “Je hebt het papiertje gewoon op straat gegooid. Geef je niet om het milieu?” En ik dacht erover na en, weet je, ik dacht: “Dit is niet het milieu. Dit is New York City. Dit is níet het milieu. Hier wonen mensen. New York City is niet het milieu, New York City is een gigantisch stuk afval. Het is als het gigantischste – naast Mexico City, het meest waardeloze stuk afval…” Dus als je afval hebt, wat moet je ermee doen? Je gooit het op de stapel afval! Want als je dat niet doet, als je het in een vergaarbak stopt, dan wordt het verzameld en wordt het naar een stortplaats gebracht, en dan gaat het op een boot en wordt in de oceaan gedumpt en sommige dolfijnen dragen het als een hoed op hun gezicht –tien jaar lang.

Met andere woorden, de ideologie van Kaczynski is niet het stedelijk milieuactivisme dat door liberalen en activisten wordt gepusht. Het is een liefde voor de natuur die onlosmakelijk verbonden is met een liefde voor vrijheid, het soort liefde dat niet-activistische natuurliefhebbers al betuigen. Maar dit is een ongemakkelijk feit om te erkennen, natuurlijk, omdat het de ideologie van Kaczynski gevaarlijk maakt.

Hoe zit het met de dodelijke slachtoffers?

We pleiten dan ook voor een revolutie tegen het industriële systeem. Deze revolutie kan gewelddadig of geweldloos zijn, een uitbarsting of een geleidelijk proces van enkele decennia. Dat kunnen we niet voorspellen. Maar we geven wel in grote lijnen aan wat voor maatregelen degenen die walgen van het industriële systeem moeten treffen om de weg te bereiden voor een revolutie tegen dit type samenleving. Dit moet geen POLITIEKE revolutie worden. Het doel is niet om regeringen omver te werpen, maar om de economische en technologische basis van de huidige maatschappij te gronde te richten. 

De industriële samenleving en haar toekomst, Paragraaf 4

Een argument dat ik tot nu toe heb vermeden, is dat de acties van Kaczynski fout waren omdat mensen doden verkeerd is. Dit is vooral omdat de morele status van het terrorisme van Kaczynski geen afbreuk doet aan zijn ideeën, die op zichzelf kunnen vallen of staan. Inderdaad, velen hebben dat punt precies betoogd, inclusief Bill Joy en Skrbina. Een andere reden is echter dat iedereen die echt gelooft in het argument niet anders kan worden overtuigd. Als doden altijd verkeerd is, zijn de acties van Kaczynski natuurlijk verkeerd.

Maar ik denk niet dat veel mensen ook echt geloven dat doden altijd verkeerd is. In een ongepubliceerde tekst vermeldt Kaczynski dat slechts drie soorten mensen dit argument voeren: conformisten, lafaards en heiligen. “De eerste twee,” schrijft hij, “zijn beneden minachting en we hoeven niets meer over hen te zeggen.” Maar de heiligen, zegt hij, kunnen nuttig zijn om “het ideaal van vriendelijkheid en mededogen in leven te houden”, vooral omdat een revolutie waarschijnlijk een behoorlijk lelijke affaire zou zijn. En hij heeft gelijk. Hoewel sommigen zich principieel tegen alle geweld verzetten, valt de meerderheid van de mensen die op geweldloosheid aandringen in een van de eerste twee categorieën, en er is niet echt een manier om op één van hen te reageren.

Met andere woorden, de meeste mensen erkennen dat het soms goed is om te doden. Zelfverdediging is het meest voor de hand liggende voorbeeld, maar er zijn betwistbare redenen voor allerlei oorlogen, moordaanslagen en ander geweld. Het lijkt erop dat het probleem dat veel mensen hebben met Kaczynski niet noodzakelijkerwijs is dat hij heeft gedood, maar dat zijn moordaanslagen op een of andere manier onterecht waren. En, of het nu redelijk is of niet, omdat het geweld en de legitimiteit van Kaczynski een van de belangrijkste overwegingen is voor mensen die de Unabomber-zaak beoordelen, het afwijzen als “niet relevant voor de legitimiteit van de ideeën” is onvoldoende. Dus ik zal het geweld van Kaczynski onderzoeken en verschillende mogelijke rechtvaardigingen daarvoor.

Houd er echter rekening mee dat discussies over de legitimiteit van geweld sterk afhankelijk zijn van onbetwistbare morele principes, dus voorbij een bepaald punt is veel van de discussie over politiek geweld buiten beschouwing voor sommige lezers. Het is dan aan hen om te beslissen wat voor soort geweld moreel legitiem is. Hier onderzoek ik alleen of de acties van Kaczynski gerechtvaardigd waren, ervan uitgaande dat zijn argumenten geldig zijn.

Merk ten slotte op dat deze discussie vastloopt door een belangrijke overweging: het doel van het terrorisme van Kaczynski. Hij stelt in één FC communique: “Denk niet dat we sadisten of sensatiezoekers zijn of dat we terrorisme licht hebben geadopteerd. Hoewel we jong zijn, zijn we geen heethoofden. We zijn pas terrorist geworden na de meest ernstige overweging.” Iedereen die contact heeft gehad met Kaczynski weet inderdaad dat de man, uiterst nauwgezet, waarschijnlijk goed op de hoogte was van wat hij deed. Toch blijven er nog maar twee uiteinden over. Ten eerste is natuurlijk het impliciete einde van de revolutie. En ten tweede is de expliciete verklaring op verschillende plaatsen dat FC geïnteresseerd was in het “verspreiden van anti-industriële ideeën” en het overbrengen van zijn boodschap aan het publiek. Dus we kunnen de vraag stellen: was Kaczynski gerechtvaardigd om te doden om anti-industriële ideeën te verspreiden voor het langetermijndoel van revolutie?

Misschien waren de bomaanslagen van de FC niet gerechtvaardigd omdat Kaczynski andere middelen ter beschikking had: democratie, vrije meningsuiting, de massamedia, enz. Iedereen die dit argument aanvoert, moet echter ook bereid zijn te beweren dat politiek geweld aanvaardbaar is als alle gerechtvaardigde wegen van politieke uitdrukking is gesloten. Ik heb er tamelijk vertrouwen in dat wanneer dit feit ter sprake komt, veel mensen de standaardinstelling “geweldloosheid” zouden gebruiken. Maar ervan uitgaande dat iemand bereid is de implicatie van zijn betoog te accepteren, moet hij enkele feiten in overweging nemen.

Ten eerste was Kaczynski zich terdege bewust van deze wegen van politieke expressie. Het essay van 1971 dat als bewijs tegen hem werd gebruikt, werd feitelijk afgesloten met een programma voor legale actie. Het suggereerde dat mensen een organisatie vormen die zou lobbyen voor de overheid om financieële steun voor wetenschappelijk en technisch onderzoek te stoppen, wat de enige “half mogelijke” oplossing was die Kaczynski op dat moment kon bedenken. Maar aan het einde van het essay is het duidelijk dat de oplossing zeer onwaarschijnlijk is, waardoor ongetwijfeld iedereen die zich met de genoemde kwesties bezighoudt zich hopeloos voelt. Bovendien, als men de in het manifest gegeven argumenten aanvaardt (met name de paragrafen 99-132), is revolutie, ook al is het zeer onwaarschijnlijk, nog steeds de enige oplossing die de problemen waarschijnlijk op een bevredigende manier kan oplossen. Volgens deze argumenten zijn andere politieke wegen gesloten. Dit betekent niet noodzakelijkerwijs dat de bombardementen van Kaczynski gerechtvaardigd waren, maar het betekent wel dat, ervan uitgaande dat hij gelijk had, ze alleen als gerechtvaardigd moeten worden beschouwd voor zover ze revolutie bevorderen.

En, hoe ongemakkelijk dit ook is, het terrorisme van de man was zeer succesvol in het uitbrengen van zijn ideeën voor een enorm groot publiek. Niet alleen werd het manifest volledig gepubliceerd door de New York Times en Washington Post, het werd ook gepubliceerd in tal van kleinere publicaties; het werd overal op internet geplaatst, waaronder een van de eerste internetportals, de Pathfinder van Time Warner; het werd opgeslagen in overheids- en juridische databases en archieven die ervoor zouden zorgen dat zijn ideeën voor onbepaalde tijd voortleefden; en het ontlokte onder meer het inzicht en commentaar van talloze intellectuelen en publieke figuren. Al met al bereikte het manifest een verbazingwekkend groot publiek, dat voornamelijk bestond uit alledaagse Amerikanen, en dat ervoor zorgde dat zelfs als geen enkele persoon of groep de ideeën onmiddellijk na publicatie serieus nam, het op talloze plaatsen zou blijven staan, wachtend op potentiële toekomstige partijen te worden geinspireerd. Tot nu toe heeft niemand een mogelijk alternatief gesuggereerd dat Kaczynski had kunnen nemen om zijn tekst met dezelfde hoeveelheid invloed, reactie en onsterfelijkheid te publiceren die hij met zijn terrorisme heeft bereikt. Zoals Skrbina het zegt: “Uiteindelijk zijn we geschokt door Kaczynski –omdat hij heeft gewonnen.”

Toch zeggen sommigen omdat er nog geen revolutie geweest is, zijn acties niet effectief geweest zijn. Toch werd het manifest gepubliceerd en Kaczynski werd slechts 20 jaar geleden gevangen. Gezien het feit dat 69 jaar de publicatie van het Manifest van de Communistische Partij en het begin van de Russische Revolutie scheidde, is het onredelijk om te eisen dat het manifest van Kaczynski al in een derde van de tijd al zo’n grote impact heeft gehad. Verder is er reden om te geloven dat er een revolutie in de lucht hangt. In het bijzonder zijn enkele politieke partners van Kaczynski in Spanje redelijk actief geweest. En hoewel Kaczynski het contact met anarcho-primitivisten heeft verbroken vanwege ideologische meningsverschillen, heeft hij een aantoonbare invloed gehad op velen in de anarcho-primitivistische en groene anarchistische bewegingen, die grotendeels verantwoordelijk waren voor de opstanden in Seattle in 1999. Hij heeft ook een aantoonbare impact op Derrick Jensen, een mede-oprichter van Deep Green Resistance, en Earth First!, een radicale milieuorganisatie die bekend staat om directe actietactieken en ‘monkeywrenching’ (die gebaseerd is op The Monkey Wrench Gang van Edward Abbey). Nogmaals, Kaczynski en zijn politieke medewerkers hebben sterke ideologische meningsverschillen met al deze groepen, maar dat hij zo invloedrijk in hen blijft is een bewijs van hoe krachtig zijn ideeën zijn.

Anderen zouden kunnen beweren dat zelfs als het terrorisme van Kaczynski succesvol was, dit niet noodzakelijkerwijs gerechtvaardigd is. En dit is waar. Maar het manifest stelt dat als er geen revolutie is, de gevolgen van technologische ontwikkeling absoluut rampzalig zullen zijn. Als Kaczynski juist is, en als zijn terrorisme erin slaagde zijn revolutie te bevorderen, dan zouden de gevolgen van zijn geweld misschien heel klein zijn geweest in vergelijking met de dreiging. We zien dit soort logica de hele tijd aan het werk. Het leger laat bommen vallen op huizen met burgers erin, omdat het belangrijker is om de terroristen daar met hen te doden. Grootvader Smith schiet een potentieel gevaarlijke hond door het hoofd, omdat het voor zijn kleinkinderen belangrijker is om veilig te zijn. Enzovoort. Gezien het feit dat Kaczynski geloofde dat onze vrijheid en onze wilde natuur op het spel staan, is het niet moeilijk te begrijpen waarom hij zijn geweld als gerechtvaardigd beschouwde.

Ten slot beweren sommige mensen dat de specifieke doelen van Kaczynski onterecht waren. Ze beweren dat hij willekeurig was en zijn doelen onschuldig, en dat dit zijn geweld illegitiem maakte. Maar Kaczynski was verre van willekeurig. Hij heeft zelfs herhaaldelijk verklaard dat hij willekeurig geweld betreurt.

Sterker nog, bijna al zijn doelen waren, zoals hij het noemt “typisch lid van de technicusklasse”, waaronder “wetenschappers, ingenieurs, bedrijfsleiders, politici, enzovoort die bewust en opzettelijk technologische vooruitgang bevorderen en economische groei.” Deze mensen zijn “criminelen van de ergste soort”, en Kaczynski voorspelt dat een revolutionaire beweging waarschijnlijk zal eisen dat deze worden gestraft.

Nogmaals, het idee zelf kan worden aangevochten, maar was Kaczynski in zijn eigen voorwaarden gerechtvaardigd? Dat was hij meestal, behalve in drie gevallen, en de FC-communiques betreuren expliciet spijt voor twee van hen – zie het citaat hierboven betreffende de secretaris van Patrick Fischer en het passagiersvliegtuig. Het derde geval was de bom in het computerwetenschappelijk gebouw van de Universiteit van Utah. Als het was gelukt om af te gaan, zou de bom een hele gang in brand hebben gestoken en studenten in hun klaslokalen hebben opgesloten –zeker het niveau van willekeurig geweld dat Kaczynski betreurde. Kort gezegd, zelfs Kaczynski had dit niet kunnen rechtvaardigen. Hij heeft het echter over in één FC-communique:

We willen niet dat iemand denkt dat we hoogleraren pijn willen doen die archeologie, geschiedenis, literatuur of dergelijke onschadelijke dingen bestuderen. De mensen die we willen bereiken zijn de wetenschappers en ingenieurs, vooral op kritieke gebieden zoals computers en genetica. Wat betreft de bom geplant in de Business School in de U. van Utah, dat was een mislukte operatie. We zullen niet zeggen hoe of waarom het is mislukt omdat we de FBI geen aanwijzingen willen geven. Niemand raakte gewond door die bom.

Afgezien van deze drie voorbeelden, zijn de doelen van Kaczynski niet verrassend in het licht van zijn ideologie, hoe verantwoordelijk hij de technicusklasse zag als zijnde voor voortdurende technologische problemen, en zijn ideeën over vergelding. Dr. Charles Epstein was bijvoorbeeld een wereldberoemde geneticus, Percy Wood, de president van United Airlines, en Diogenes Angelakos een belangrijke onderzoeker op het gebied van micro- en elektromagnetische golven. En hoewel tegenwoordig, in het tijdperk van smartphones, mensen misschien niet begrijpen waarom Kaczynski zich richtte op eigenaren van computerwinkels (twee keer), deed hij dat ongeveer vier jaar vóór de geboorte van internet, in een tijd waarin personal computers nog het grondgebied van grote bedrijven waren, universiteiten en nerds. In die tijd huurden computerwinkels meestal hele sets personal computers voor zakenmensen en universiteiten, waardoor ze een infrastructureel doelwit waren in lijn met de andere acties van Kaczynski.

Er is ook de vraag waarom Kaczynski zich richtte op universiteiten en hoogleraren in plaats van personen die duidelijkere en tastbare gevolgen hadden voor de technische ontwikkeling. Een deel hiervan, zoals FC in een communique uitlegde, was strategisch. Universiteiten hadden een zwakkere beveiliging en hoogleraren minder een reden om op hun hoede te zijn voor een verdacht pakket dan grote bedrijven en zakenmensen. Maar universiteiten zijn niet minder verantwoordelijk voor technische ontwikkeling dan grote bedrijven, en in veel opzichten zijn ze dat ook meer. Universitaire onderzoekslaboratoria en universitaire financiering vormen de ruggengraat van veel van het onderzoek dat wordt verricht op het gebied van genetica, kunstmatige intelligentie en biotechnologie. Zoals een artikel luidt: “Sinds de jaren zeventig worden onderzoeksuniversiteiten algemeen erkend als de kern van het wetenschaps- en technologiesysteem van dit land.” Bovendien wordt volgens de Carnegie-classificatie van instellingen voor hoger onderwijs elke universiteit waarop de Unabomber zich richtte geclassificeerd als met ‘zeer hoge onderzoeksactiviteit’ –de hoogste classificatie voor een onderzoeksuniversiteit. Dit maakt de universiteiten duidelijk rationele doelen voor de Unabomber.

Tot slot

Dit alles wil niet zeggen dat Kaczynski gelijk had over revolutie. Zoals Skrbina over het manifest zegt: “De logica is gezond. We zijn echter vrij om elk van de uitgangspunten uit te dagen.” Maar een discussie over revolutie vereist dat we de ideeën van Kaczynski daadwerkelijk aangaan en niet afwijzen, zoals tot nu toe de dominante reactie was. Een dergelijke betrokkenheid brengt ons uiteindelijk bij het laatste argument: dat de bomaanslagen van Kaczynski onterecht waren omdat zijn ideeën verkeerd waren.

Dit argument is het sterkste dat tegen Kaczynski kan worden gedaan, omdat het de kracht van zijn analyse afsnijdt. Degenen die de in het manifest gepresenteerde ideeën echt willen betwisten, moeten sterker bewijs leveren tegen zijn uitgangspunten, zoals het idee dat het goede van technologie niet kan worden gescheiden van het slechte; en ze zullen een alternatieve waardenset moeten bieden die het idee uitdaagt dat vrijheid en wilde Natuur primair zijn.

Ik zeg ‘moet’ want het is niet langer optioneel voor iedereen die het niet eens is met Kaczynski. Het idee dat Kaczynski krankzinnig is, houdt eenvoudigweg geen stand en de ideologie die in het manifest wordt gepresenteerd, is voor veel mensen logisch. Bovendien zijn de problemen die in het manifest worden aangehaald reëel en dringend. Kunstmatige intelligentie, biotechnologie, klimaatverandering, antibioticaresistentie, massabewaking, het zesde massa-uitsterven – ze staan allemaal snel centraal in de wereldpolitiek en met hen hebben de wetenschappers en ingenieurs, wat het algemeen publiek gaat realiseren, een buitensporige hoeveelheid controle over de omstandigheden van het moderne leven. Het is zeer waarschijnlijk dat een vorm van anti-technologie populisme in de plaats komt van wat ooit een anti-overheid populisme was; terwijl de hoofddoelstellingen van minachting ooit politici waren, zullen de nieuwe objecten van minachting wetenschappers en ingenieurs zijn, evenals de technologie zelf.

We kunnen dit sentiment al in actie zien. In de afgelopen jaren hebben we tv-shows gezien over wildernis en outdoor-living , vaak met een vleugje anti-technologisch sentiment, een enorme populariteit: Mountain Men, Naked and Afraid, en Duck Dynasty zijn slechts enkele van de meest populaire voorbeelden. Ook boeken, zoals Wild van Cheryl Strayed of A Walk in the Woods van Bill Bryson, geven een soortgelijke boodschap van vrijheid, een zoektocht naar doel en betekenis en spirituele vernieuwing in een decadente, materialistische wereld.

Anderzijds worden klachten over alomtegenwoordige technologie ook populair. Tv-programma’s zoals Black Mirror stralen een fundamenteel scepticisme uit tegenover het idee van technische vooruitgang, en boeken als A Short History of Progress, Our Final Hour, enzovoort, stellen allemaal in verschillende mate vraagtekens bij de technologieën die de moderne wereld domineren.

Het meest opvallende is dat het de politieke arena binnendringt. Milieuactivisten zijn tegenwoordig enorm populair en jongeren voelen de behoefte om problemen als klimaatverandering en de zesde massa-uitsterving aan te pakken. Bovendien, vanwege de manier waarop de problemen worden genegeerd, soms door economische noodzaak, treedt radicalisering gemakkelijk op bij milieuactivisten. In feite noemt de FBI milieuterrorisme, niet islamitisch terrorisme, als de grootste binnenlandse terrorismedreiging in de VS.

Als dat niet genoeg is, vindt dit alles plaats op een podium dat grotendeels wordt bepaald en gevormd door de milieuproblemen die centraal staan in de gedachte van Kaczynski. Veel van de instabiliteit die zich voordoet en in de komende jaren zal voordoen, is en zal worden vertienvoudigd door klimaatverandering. Een kop in de New York Times luidt: “Onderzoekers koppelen Syrisch conflict aan een droogte die erger wordt door klimaatverandering“. Een kop in de Guardian luidt: “Opwarming van de aarde kan tegen 2050 150 miljoen ‘klimaatvluchtelingen’ creëren“. En de Wereldgezondheidsorganisatie heeft steeds urgentere waarschuwingen gegeven met betrekking tot antimicrobiële resistentie, die, in combinatie met moderne transportsystemen en dichtbevolkt stadsleven, een wereldwijde pandemie zou kunnen veroorzaken, of op zijn minst een zeer formidabele.

Het is duidelijk dat Kaczynski over veel gelijk had, en tenzij iemand een goede uitdaging en alternatief biedt voor zijn kernideeën, zal het idee van “vrijheid in de wilde Natuur” alleen maar aanhangers blijven aantrekken. De man afwijzen als een krankzinnige, onbelangrijke –nou, dat gaat niet lang meer werken.

Overigens ben ik het eens met Kaczynski. Wilde Natuur is belangrijk, de industrie vernietigt het en de enige echte uitweg is de ineenstorting van de industrie. Zeker, verschillende aspecten van het manifest verdienen kritiek, vooral de delen met betrekking tot strategie, maar op die drie punten staat Kaczynski op een stevige basis.

Wat betreft de acties van de man, bevind ik me in een moeilijke positie. Ik kan willekeurig geweld, zoals het soort dat wordt toegepast door radicale islamisten, absoluut niet door de vingers zien, en ik ben het eens met Lenin dat zelfs zeer gerichte daden van individueel geweld een vreselijke tactiek zijn voor een revolutionaire beweging. Een primaire rol van revolutionairen is het verspreiden van sociale waarden, en terroristische gewelddaden zijn meestal een teken van zwakte op dit vlak. Bovendien, hoewel degenen die groei en vooruitgang ondersteunen inderdaad “criminelen van de ergste soort” zijn, heb ik een voorgevoel dat Kaczynski heeft overschat hoe verantwoordelijk sommige individuen zijn voor onze huidige situatie.

Desondanks is het moeilijk te overdrijven hoe succesvol Kaczynski was, en de man heeft de neiging gelijk te hebben over veel dingen, vooral omdat hij (bijna overdreven) zorgvuldig is over elk detail. Ongetwijfeld besteedde hij dezelfde aandacht voor detail aan zijn 17-jarige campagne. Dus zo onverenigbaar als het is met mijn opvattingen in het algemeen, is het moeilijk te zeggen dat Kaczynski iets anders had kunnen doen en zijn doelen even succesvol had kunnen bereiken. Toch vertelt zelfs hij snel aan degenen die hem brieven schrijven dat hij niet denkt dat een andere Unabomber nuttig zou zijn voor een revolutionaire inspanning. Het primaire werk dat nu moet worden gedaan, zegt hij, is het bouwen van kernen van toegewijde individuen die een revolutionaire beweging kunnen volhouden. En zoals ik al zei, ben ik het daarmee eens. In ieder geval verdedig ik uiteindelijk nog steeds mijn eerste uitspraak over het geweld van Kaczynski: de ideeën vallen en staan op zichzelf, en nu staan ze nog steeds.

Ik beweer niet dat iedereen tot dezelfde conclusies zal komen. Inderdaad, degenen die gewoon niets om wilde Natuur geven en de vrijheid die erin zit, zullen niet erg worden geraakt door het manifest; evenmin zullen degenen die ervan overtuigd zijn dat technische ontwikkeling door mensen kan worden bestuurd. Maar het manifest is de moeite van het lezen waard, en met volledige overtuiging kan ik zeggen dat het niet alleen de beste manier is om de Unabomber-affaire aan te gaan, maar dat het een van de belangrijkste manieren is om met de problemen van onze moderne wereld om te gaan.

Leave a Reply

Theme by Anders Norén